Capatect Klebe- und Dichtungsmasse 114

Oplosmiddelvrije, 2K bitumineuze lijm- en dichtingsmortel .
caparol_pim_import/caparol_be/products/image/30218/007644.png

Toepassing

Flexibele, oplosmiddelvrije, 2K bitumenlijm voor het verlijmen van de Capatect Perimeterdämmplaten in polystyreen en XPS-hardschuim op een bitumen ondergrond en andere draagkrachtige afdichtingen in de zone onder het maaiveld.
Ook toe te passen op verticale vlakken onder het maaiveld als bitumenafwerking in dikke lagen volgens DIN 18533.

Eigenschappen

  • oplosmiddelvrij
  • eenvoudig te verwerken
  • goede plakkracht
  • flexibel na uitharding en droging
  • functioneel ook bij vochtbelasting
  • zakt niet in, consistentie als pleistermortel
  • rot niet en bestand tegen veroudering

Verpakking

  • 30 kg combi-blik:
    - vloeibare component A = 22 kg (bitumenemulsie)
    - poedercomponent B = 8 kg (hydrailisch bindmiddel)

Kleur

Zwart

Opslag

Koel, vorstvrij en tegen vocht beschermt bewaren. Tegen direct zonlicht en temperaturen >35°C beschermen.
1 jaar houdbaar vanaf productiedatum in de originele gesloten verpakking.

Soortelijke massa

comp. A, vloeistof ca. 1,06 kg/l

Drogelaagdikte


1 mm droog komt overeen met 1,38 mm nat

Brandweerstand

klasse E conform DIN EN 13501-1

Consistentie

niet gemengd: poeder en vloeistof
gemengd: pasteus

Doorgehard

ca. 2 dagen

Mengverhouding

22 gew. delen comp. A + 8 gew. delen comp. B

Regenvast

na ca. 4 uur conform DIN EN 15816

Laagdikte

1,0 mm drogelaagdikte is 1,38 mm nattelaagdikte

Potlife bij 20 °C

ca. 2 uur bij 20°C

Product-nr.

114

Geschikte ondergronden

Toe te passen op alle minerale ondergronden zoals metselwerk van bakstenen, beton, kalkzandsteen en cellenbeton alsmede beton, cellenbeton, nieuw mineraal pleisterwerk en de Capatectwapeningspleister. Ook geschikt op oude, mineraal pleisterwerk en verflagen

Voorbereiding van de ondergrond

De ondergrond moet draagkrachtig, vast, scheurvrij, schoon, droog en vrij van stoffen zijn die de hechting verminderen.
De ondergrond mag mat-vochtig zijn, beslist niet nat.

Beton- of mortelbramen, vuil, zand en aarde, oude niet draagkrachtige bitumenafdichtingen e. d. verwijderen. Hoeken en kanten afschuinen of breken.
Voegen en oneffenheden, dieper dan 5 mm vooraf met een geschikte minerale reparatiemortel afdichten.
Voegen van 2 tot 5 mm zijn met Capatect 114 als als schraaplaag af te dichten.
Bij zwak zuigende ondergronden, om blaasvorming te vermijden een schraaplaag maken met Capatect 114. Zuigende minerale ondergronden gronden met een grondlaag.

Gereedmaken van het materiaal

Electrische menger gebruiken.
De poedercomponent rul maken vooralleer de bitumenemulsie toe te voegen. Bitumengrondmassa kort oproeren. De rulgemakkte poedercomponent volledig op de bitumenemulsie gieten en grondig homogeen door elkaar mengen. Luchtbelletjes weg laten trekken.

Bij het aanmaken van een gedeeltelijke hoeveelheid moeten beide delen in de juiste verhouding uitgewogen worden.
(gewichtsaandeel: deel A : deel B : 22 : 8)
De potlife van het aangemaakte materiaal bedraagt bij 20°C ca. 75 minuten. Hogere temperaturen verkorten, lagere temperaturen verlengen de potlife.
Niet meer materiaal aanmaken, als binnen de 2 uur verwerkt kan worden.

Verbruik

Schraaplaag:
ca. 1-2 kg/m2 (met 5% water verdund)

Afdichtende voorstrijklaag:
ca. 0,1-0,2 kg/m2 (1 : 1 met water verdund)

Afdichting W1-E grondwater en niet staand lekwater: 
> 4,7 kg/m2 (is 4,1 mm natte laagdikte), (min. 3,0 mm droge laagdikte)

Afdichting W2.1E met tijdelijk staand lekwater:
> 6,2 kg/m2 (is 5,5 mm natte laagdikte), (min. 4,0 mm droge laagdikte, 2 lagen met versterkingstussenlag)

Afdichting W4-E spatwater aan de muursokkel: 
> 4,7 kg/m2 (is 4,1 mm natte laagdikte), (min. 3,0 mm droge laagdikte)

Verlijmen van de isolatieplaat:
ca. 1,5-2,5 kg/m2 bij puntverlijming, andere lijmmethodes verhogen het verbruik.

Op ruwe oppervlakken naar verhouding meer. Nauwkeurig verbruik vaststellen door een proef op het object. Laagdiktetoeslag conform DIN 18533 respecteren.

Verwerkingsomstandigheden

Tijdens verwerken en drogen mag de temperatuur van omgeving en ondergrond niet lager zijn dan 5 °C en niet hoger zijn dan 30 °C. Niet verwerken in de directe zon, bij sterke wind, mist en hoge relatieve luchtvochtigheid.
Niet toepassen op een verwarmde of bevroren ondergrond en bij regen.

Het aanbrengen van meerdere lagen pas na voldoende stevigheid van de vorige laag. Droge lagen beschermen tegen mechanische beschadiging en uv-stralen.

Droogtijd

De doorharding is afhankelijk van de ondergrond, temperatuur, luchtvochtigheid en laagdikte en bedraagt 1 - 2 dagen.
Lage temperaturen en een hoge luchtvochtigheid verlengen de droogtijd.
Voor het uitvoeren van nakomende werken moet het materiaal voldoende doorgedroogd zijn.

Reinigen gereedschap

Direct na gebruik met water. Na uitharding met een oplosmiddelhoudende verdunner.

Verwerking

Capatect-Perimeterdämmplatten 115 worden toegepast voor de isolatie van basements en oppervlakken onder het maaiveld (isolatieplaatdikte vanaf 50 mm). De platen worden verlijmd met de Capatect Klebe- und Dichtungsmasse 114 op de vertikale gebouwafdichting. 

De manier van verwerken hangt af van de heersende IP-klasse.
De isolatieplaat met een licht schuivende beweging op de draagkrachtige ondergrond aanbrengen. Eventuele lijmresten direct verwijderen. De isolatieplaten in halfsteensverband en effen aanbrengen en goed aandrukken. Geen lijm op de zijkant van de plaat aanbrengen.


Let op!
Het toepassen van de Capatect Klebe- und Dichtungsmasse 115 als lijmlaag boven het maaiveld wordt niet geadviseerd omdat niveau verschillen niet voldoende kunnen worden overbrugd.
In voorkomende gevallen de Capatect-SockelFlex toepassen.

Bouwkundige voorschriften

Voordat de Capatect Perimeterdämmplaten worden aangebracht moet zeker worden gesteld dat de ondergrond een goede vochtwering heeft conform DIN 18195 tegen grondwater met of zonder waterdruk.

Zonodig bouwkundige voorzieningen treffen, bijvoorbeeld drainage aanleggen bij constante waterbelasting of bij waterbelasting met waterdruk. Bij verticale vlakken de Capatect 114 15 - 30 cm boven het maaiveld aanbrengen.

Veiligheidsvoorschriften (stand conform laatste uitgave)

Conform EU-richtlijn

Component A
Schadelijk voor in het water levende organismen, met langdurige gevolgen. Bij het inwinnen van medisch advies, de verpakking of het etiket ter beschikking houden.
Buiten bereik van kinderen houden.
Afval niet in het in riool of oppervlaktewater en/of bodem laten komen.
 
Bevat: 1,2-Benzisothiazol-3(2H)-on. Kan allergische reacties veroorzaken. Dit product is een „behandelde waar" conform EU-richtlijn 528/2012 (geen biozide-product) 

Tijdens de verwerking en droging zorgen voor grondige verluchting. 
Niet eten, drinken of roken tijdens het gebruik van dit product.

Poeder component
Irriterend voor de huid.
Gevaar voor ernstig oogletsel.
Buiten bereik van kinderen houden.
Stof niet inademen.
Aanraking met de ogen en de huid vermijden.
Bij aanraking met de ogen onmiddellijk met overvloedig water afspoelen en deskundig medisch advies inwinnen.
Draag geschikte handschoenen en een beschermingsmiddel voor de ogen/het gezicht
In geval van inslikken onmiddellijk een arts raadplegen en verpakking of etiket tonen


Afval

Inhoud / verpakking afvoeren volgens lokale regelgeving.

Servicecentrum

DAW Belgium bvba
Tél.: (+32) (0)11 60 56 30
Fax: (+32) (0)11 52 56 07
E-mail: info-tech@daw.be
www.caparol.be