Capatect PS-Fassadendämmplatten 112 DUO super

Thermische isolatieplate, die de geluidwering verbeteren binnen Caparol EPS isolatiesystemen.

Toepassing

Gevelisolatieplaten in gelijmde of gelijmde en verplugde systemen.

Eigenschappen

  • Geluidswerend
  • Grijs gekleurd
  • Bouwstofklasse B1 (DIN 4102), E (DIN EN 13501)
  • Type EPS 035 WDV volgens Richtlinie Industrieverband Hartschaum e. V. und Fachverband Wärmedämmverbundsysteme e. V
  • Vrij van FCKW, HFCKW

Kleur

Grijs van kleur

Opslag

Droog, beschermd tegen vocht; niet gedurende lange tijd onbeschermd blootstellen aan UV-straling.

Warmtegeleidingsgroep

035

Warmtegeleiding

0,035 W/(m - K) volgens DIN 4108

Diffusieweerstandsfactor µH2O

µ ≈ 30/70 volgens DIN EN 12086

Treksterkte

≥ 80 kPa volgens DIN EN 1607

Stortgewicht

15-20 kg/m3 volgens DIN EN 1602

Irreversibele lengteverandering

≤ 0,15%

Dynamische vastheid

20 MN/m³ bei EPS >   80 mm 
15 MN/m³ bei EPS > 120 mm 
10 MN/m³ bei EPS > 160 mm 
  7 MN/m³ bei EPS > 200 mm

Dynamische elasticiteitsmoduul

E’ < 1,0 MN/m2

Schuifsterkte en afschuifmodule

τ  ≥ 25 kPa
G ≥ 300 kPa

Geschikte ondergronden

Minerale ondergronden in goede staat, vaste oude pleisters, draagkrachtige oude verflagen of bekledingen en andere draagkrachtige effen ondergronden. Ook cementgebonden vezelplaten resp. V100 volgens DIN 68763, bv. in prefab-woningen.

Voorbereiding van de ondergrond

De ondergrond moet zuiver, droog en draagkrachtig zijn. Verontreinigingen en substanties die de aanhechting verminderen (bv. bekistingsolie) evenals uitstekende mortelresten verwijderen. Beschadigde, schilferende verflagen en structuurpleisters zo goed mogelijk verwijderen.
Gaten in de pleister bijpeisteren. Sterk zuigende, zandende of melende oppervlakken grondig reinigen tot op de vaste substantie en met Sylitol-Konzentrat 111 gronderen.

Verbruik

1 m2/m2

Verwerkingsomstandigheden

 Tijdens de verwerking en in de drogingsfase mogen de temperaturen van omgeving en ondergrond niet lager liggen dan +5°C en niet hoger dan +30°C. Niet in contact brengen met aromatische oplosmiddelen.

Isoleren passiefhuis

Bij de isolatie van passiefhuizen worden isolatieplaten van 260 of 300 mm gebruikt. Om precieze hoeken te vormen, staan er geprefabriceerde hoekelementen ter beschikking. Deze elementen moeten éérst gelijmd en daarbij exact geplaatst worden. Pas dan worden de vlakken geïsoleerd. Hiertoe is een richtsnoer, dat van hoek tot hoek gespannen wordt, heel handig gebleken.

 

Indien de isolatieplaten zonder onderliggende bedekking (bv. op de bestaande perimeter-isolatie) geplaatst moeten worden, moeten ze bijkomend verplugd worden. Hiertoe staan plaat- en hoekelementen met voorgefreesde, verzinkte pluggaten ter beschikking. Deze gaten na bevestiging met de daartoe bestemde polystyrol-kapjes sluiten.

Verlijmen van de isolatieplaat

De bij het systeem horende lijmmassa met de Wulst-Punkt-methode (langs de rand een ca. 5 cm brede streep, in het midden van de plaat 3 hoopjes ter grootte van een handpalm) op de achterkant van de plaat aanbrengen (contactvlak ³ 40 %). De aan te brengen hoeveelheid lijm varieert naargelang de tolerantie van de ondergrond, waarbij oneffenheden tot ± 1 cm in het lijmbed geëffend worden. Bij het lijmen met Capatect-Rollkleber 615 op een absoluut vlakke ondergrond moet dit product met een tandkam of rol over de hele oppervlakte aangebracht worden.

De isolatieplaten in verband verlijmen, van beneden naar boven stoten en goed aandrukken. Let op een loodrechte plaatsing. Eventueel ontstane voegen met isolatiebanden of met Capatect-Füllschaum B1 vullen. Opvullingen aan de stootvoegen van de platen vermijden.

 

Bij isolatieplaten met een dikte van >100 mm, disposer in navolging van bouwstofklasse B1 niet-brandbare minerale wolplaten aan gevelopeningen (bv. vensters, deuren) bandvormig op 20 cm hoogte voorschrijven.

Bij overgangsvoegen tussen ondergronden van verschillende materialen moeten de isolatieplaten het verloop van de voegen aan beide kanten met minstens 10 cm breedte overlappen en goed verlijmd worden.

 

Meer informatie over het lijmen van de isolatieplaten vindt u op de technische fiches van de producten 185, 186M, 190 en 615

Afval

Afval kan vermeden worden door zorgzaam te snijden en te hergebruiken. Restafval kan gestort worden op de afdeling voor kunststof van het containerpark.

Aanwijzingen voor recyclage van materiaalresten zonder lijm- of plamuurresten kunnen bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken ingewonnen worden.