Capatect Klebe- und Armierungsmasse 170

Minerale droge mortel conform DIN EN 998-1 voor het lijmen en wapenen van isolatieplaten in het Capatect System Brick/Keramik.

Toepassing

Kleef- en wapeningsmortel binnen het Capatect System Brick/Keramik.

Eigenschappen

  • één materiaal voor het verlijmen en wapenen van isolatieplaten
  • waterafstottend
  • zeer waterdampdoorlaatbaar
  • gemakkelijk te verwerken
  • goede hechting op allen minerale ondergronden, op isolatieplaten in EPS-hartschuim en minerale wol

Materiaalbasis

Minerale bindmiddelen conform DIN EN 197-1 en DIN EN 459-1, kunstharsdispersiepoeder.

Verpakking

25 kg zak

Kleur

grijs

Opslag

Koel, droog en vorstvrij.
De originele gesloten verpakkingen zijn ca. 12 maanden opslagstabiel, 12 maanden chromaatarm.

Schudgewicht

ca. 1,4 g/cm³

Diffusieweerstandsfactor µ (H2O)

≤ 25 conform DIN EN 998-1

Diffusie-equivalente luchtlaag Sd

(4 mm): sd: < 0,1 m conform DIN EN ISO 7783

Drukvastheid

Klasse CS III nach DIN EN 998-1

Brandweerstand

Klasse A2-s1, d0 conform DIN EN 13501-1

Hechttreksterkte op polystyreenplaat

≥ 0,08 N/mm2

Capillaire wateropname

Klasse W2 conform DIN EN 998-1

Wateropnamecoëfficiënt

w < 0,15 kg/(m2 · h0,5) conform DIN EN 1062

Product-nr.

170

Voorbereiding van de ondergrond

Metselwerk, beton of vasthechtende verflagenmoeten zuiver, droog en draagkrachtig zijn. Vuil en substanties die de hechting verminderen (bijv. bekistingsolie), alsook uitstekende mortelbramen verwijderen. Beschadigde, afbladderende oude verflagen en structuurpleisters zo goed mogelijk verwijderen. Holle stukken pleister opbreken en bijpleisteren. Sterk zuigende, zandende of melende oppervlakken grondig tot op de vaste substantie, reinigen en met Sylitol-Konzentrat 111 gronderen. Vensterbanken en aanbouwdelen afdekken.

Gereedmaken van het materiaal

Capatect Klebe- und Armierungsmasse 170 kan met een krachtige langzame mixer of dwangmenger en zuiver, koud water aangelengd worden tot een homogene, klontervrije massa. Benodigd water ca. 5,8 l per zak van 25 kg. Reeds opgesteven materiaal in geen geval weer gangbaar maken met water.

Verwerkingsmethode

Verlijmen van de isolatieplaten:
De kleefmortel volgens de Wulst-Punkt-methode (rondom langs de rand een worst lijm en in het midden van de plaat 3-6 lijmstippen) op de achterkant van de plaat aanbrengen, zodat het volledige kleefcontactoppervlak ≥ 60 % bedraagt. Als de kleefmortel op de ondergrond aangebracht wordt, worden de isolatieplaten tegen de ondergrond aangezet en aangetikt.

Als de lijm over het volledige vlak aangebracht wordt (enkel mogelijk bij effen ondergrond en geschikte isolatieplaten) De kleefmortel met de machine op de ondergrond spuiten. Onmiddellijk voor het aanzetten van de isolatieplaten moet de lijmmortel met lijmkam (de tandbreedte en -diepte hangt af van de toestand van de ondergrond) opgekamt worden. De isolatieplaten direct in het verse lijmbed duwen, in positie schuiven en aanduwen. Om huidvorming te vermijden, mag slechts zo veel lijm aangebracht worden als onmiddellijk met platen bedekt kan worden.

De isolatieplaten in verband van onder naar boven drukkend lijmen en goed aandrukken. Geen lijm in de voegen tussen de platen aanbrengen. 
Loodrecht en in pas plaatsen. 

Wapeningslaag:
Eventueel aanwezige oneffenheden aan de voegen van de polystyreenplaten afschuren en schuurstof verwijderen.

Bij onbehandelde mineraal wol isolatieiplaten moet de wapeningsmassa in het oppervlak van de isolatieplaat ingewerkt worden. Na aanbreng van de kantenbescherming aan vensteropeningen en kanten, evenals van de diagonale wapening aan de hoeken van gevelopeningen, moet de wapeningsmassa telkens in de breedte van de weefselbanen aangebracht worden en moet het Capatect-Gewebe 650 met circa 10 cm overlapping ingedrukt worden. Vervolgens nat-in-nat plamuren zodat het weefsel volledig bedekt is.

De totale laagdikte moet min. 4 mm bedragen. De max. laagdikte bedraagt 10 mm. Bij laagdiktes boven 7 mm moet met 2 lagen gewerkt worden. Daarbij moet de 2e laag dunner zijn dan de eerste. Voordat de 2e laag aangebracht wordt, moet de eerste laag opgesteven, maar nog niet volledig doorgedroogd zijn. Weefsel bij wapeningslaagdiktes tot 4 mm in het midden en bij wapeningslaagdiktes boven 4 mm in de buitenste helft van de wapeningsmassa inwerken. 

Bevestiging:
Bij het bevestigen door het wapeningsweefsel heen, moet de wapeningslaag in 2 lagen aangebracht worden. In de eerste laag wordt het wapeningsweefsel in gewerkt. Daarna worden de pluggen geplaatst en de 2e laag aangebracht.

Verbruik

Verlijmen:
Ca. 4,5-8,0 kg/m2

Wapenen:
Ca. 1,4 kg/m2 per mm laagdikte

Deze verbruikswaarden zijn slechts indicaties en kunnen variëren naargelang het opject en de verwerking. Laagdikte van de wapening: 4-10 mm.

Verwerkingsomstandigheden

Verwerkingstemperatuur:
Tijdens de verwerking en de drogingsfase mag de temperatuur van de omgeving en de ondergrond niet minder dan +5°C en niet meer dan +30 °C bedragen. 
Niet bij directe zonnestralen, wind, nevel of een hoge luchtvochtigheid verwerken. In dit verband verwijzen wij naar het document "Bepleisteren bij hoge en lage temperaturen" van de Duitse vereniging voor stucwerk.

Droogtijd

Een eventueel noodzakelijke bevestiging met pluggen mag pas na voldoende versteviging van he lijmbed, d.w.z. na ca. 1 dag gebeuren. Vooral in het koelere seizoen en bij hoge luchtvochtigheid, duurt de droging langer.

Reinigen gereedschap

Onmiddellijk na gebruik met water.

Tijdens de drogingsfase de stelling eventueel met stellingzeilen beschermen tegen regen. Bij het aanbrengen en gebruik de DIN 18550-1 en DIN 18350, VOB, Teil C in acht nemen. 

Veiligheidsvoorschriften (stand conform laatste uitgave)

Veroorzaakt huidirritatie. Veroorzaakt ernstig oogletsel. Kan irritatie van de luchtwegen veroorzaken.
Bij het inwinnen van medisch advies, de verpakking of het etiket ter beschikking houden. Buiten het bereik van kinderen houden. Alleen buiten of in een goed geventileerde ruimte gebruiken. Beschermende handschoenen/oogbescherming dragen. 
BIJ CONTACT MET DE OGEN: voorzichtig afspoelen met water gedurende een aantal minuten; contactlenzen verwijderen, indien mogelijk; blijven spoelen. Onmiddellijk Antigifcentrum/arts raadpleegen. Achter slot bewaren.

Verdere informatie zie Veiligheidsblad.

In geval van accidentele indigestie raadpleeg het Antigifcentrum 070/245 245

Afval

Materiaal en verpakking volgens de plaatselijke wetgeving.

Giscode

ZP1 cementhoudende producten, chromaatarm

Servicecentrum

DAW Belgium bvba
Tél.: (+32) (0)11 60 56 30
Fax: (+32) (0)11 52 56 07
E-mail: info-tech@daw.be
www.caparol.be

Technische informatie